Column: Ongeloof in referenda

Door | 25 september 2022

COLUMN – Hier te lande gaan we er nogal prat op dat we in een democratie leven. Het lijkt soms alsof daar geen vraagtekens bij gezet kunnen worden, hoewel er in 1966 een beweging werd opgericht die als één van haar eerste acties een pamflet uitbracht met de titel ‘Appél aan iedere Nederlander die ongerust is over de ernstige devaluatie van onze democratie’. Devaluatie van de democratie, meer dan vijftig jaar geleden maakten mensen zich daar al zorgen over.

Een zogeheten kroonjuweel van het in hetzelfde jaar tot partij omgevormde D66 heette het referendum te zijn, wat in lijn was met het streven van de partij: radicale democratisering, de kiezer bepaalt het beleid en kiest degenen die dat beleid uitvoeren. De blijdschap binnen de partij was dan ook groot toen in 2005 de eerste volksraadpleging plaatsvond toen we ons mochten uitspreken over de invoering van een Europese Grondwet. De toenmalige premier Balkenende was zeer teleurgesteld over de uitslag (61,5% tegen), maar hij zou zich erbij neerleggen. Ook de Fransen spraken zich massaal uit tegen het wetsvoorstel. Die EU Grondwet leek daarmee van de baan, maar aalglad als politici zijn wisten ze het wetsvoorstel om te vormen tot het Verdrag van Lissabon dat in 2009 alsnog in werking trad. Ga er maar vanuit dat dat onder een andere naam net zo goed als grondwet werkt, je wordt genaaid waar je bij staat.

De tweede volksraadpleging ging over het Associatieverdrag met Oekraïne en wederom sprak 61% van de bevolking zich hiertegen uit. Het kabinet Rutte deed vervolgens heel netjes maandenlang alsof er toen mitsen en maren waren, maar in mei 2017 werd het verdrag gewoon geratificeerd. De derde en laatste, die over de zogeheten ‘Sleepwet’ inzake de bevoegdheden van de inlichtingendiensten, werd ook door een meerderheid van de stemmers verworpen, wat niet leidde tot het afvoeren van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017 maar tot een aanpassing ervan die met wat mooi geformuleerde waarborgen nauwelijks meer bescherming voor je privacy inhouden.

Zo’n referendum ligt de zittende machten hier in het Westen nogal ongemakkelijk. In Nederland is dat terug te voeren op de doctrine van Thorbecke (1798 – 1872), die al in de 19e eeuw stelde dat het parlement in staat moet zijn om op onafhankelijke wijze beslissingen te nemen. Wat in feite natuurlijk de deur openzet voor een regering om tegen de wil en de belangen van de bevolking in te opereren. En in het extreemste geval demagogie en autocratie te bedrijven. Het D66 van Hans van Mierlo zag in dat de politiek binnen de bestaande formule zich te ver van het publiek kon verwijderen en dus misbruik kon maken van dit gat in de constitutie. Onder andere de volksraadpleging zou een werktuig zijn om dit dilemma op te lossen. Regeringsdeelname knabbelt echter voortdurend aan je principes en in 2006 sprak van Mierlo dan ook openlijk uit dat de partij haar geloofwaardigheid had verloren en of het na veertig jaar niet genoeg was geweest. Dat D66 haar bloedlijn verloochent en een opportunistisch flirt met de macht waar zij aan heeft geroken moge wel blijken uit het feit dat zij als coalitiepartij in 2018 er aan meegewerkt heeft om het referendum (haar eigen kroonjuweel!) af te schaffen. Thorbecke kan weer gerust zijn, maar Van Mierlo draait zich om in zijn graf.

De onmacht van de burger zie ik hier in de Oosterpark terug als ik in gesprekken opmerkingen over de politiek hoor als ‘wat kun je eraan doen?’ en ‘ze doen toch wel wat ze willen’. Dat men dergelijke fenomenen als een volksraadpleging dan ook niet meer serieus kan nemen blijkt wel uit het feit dat het satirische nepreferendum tot annexatie van Rusland van Arjen Lubach miljoenen keren bekeken is: in plaats van inhoudelijk op de zaken in te gaan laat men zich liever vermaken met een stuk entertainment dat het algehele realiteitsbesef nog verder doet afkalven. Het verbloemt echter een doffe berusting. Zet daar tegenover dat ik meer dan eens een klacht over mijn stukjes heb gekregen in de trant van “Ja, maar bij jouw columns moet je nadenken” en je krijgt wel een aardig idee omtrent de mate van politieke betrokkenheid van de gemiddelde Nederlander.

De weerzin van politici tegen volksraadplegingen en het ingesleten ongeloof bij de bevolking weerspiegelt zich nu in de berichtgeving over het referendum in de vier oblasten in Oekraïne: Luhansk, Donetsk, Kherson en Zaporizja. In plaats van hier serieus op in te gaan wordt er niets nagelaten om dit fenomeen belachelijk te maken, een schijnvertoning of zelfs als iets dat ‘at gunpoint’ wordt afgedwongen. Het AD maakt het helemaal bont door te koppen met “Mitrailleurs dwingen bewoners om voor aansluiting bij Rusland te stemmen”, maar het bijgaande filmpje van slechts veertig seconden laat voornamelijk blije mensen zien en een mitrailleur is niet te bekennen. Als u een mitrailleur wilt zien kunt u dan ook beter dit filmpje van Graham Philips bekijken en voor uzelf concluderen of die soldaat daar staat voor de beveiliging (het is oorlogsgebied, weet u nog?) of om de mensen te dwingen het vinkje op de juiste plaats te zetten. Wie empathisch nog niet helemaal is afgestompt kan via het filmpje van Graham meevoelen dat de opluchting en blijheid van de mensen in de Donbass na acht jaren van terreur oprecht is.

De schreeuwende negativiteit van onze leiders over dit referendum duidt wat mij betreft meer op het feit dat ze geen antwoord op de recente stappen van het Kremlin kunnen geven. Wat overigens niet zo gek is want ze hebben al die jaren nooit willen praten en als de andere partij dan stappen onderneemt heb je niks meer in te brengen. Dat recht ben je dan kwijt. Zelfs in de eerste maanden van de militaire operatie hebben ze voortdurend de deur opengehouden. Moskou bluft niet en ze weten dat, zoals de interventie in Syrië al liet zien is het bij de Russen niet lullen maar poetsen. Aan ‘onze’ kant voelt de elite onderhuids wel aan dat op meta-niveau nog iets anders op de proef wordt gesteld, namelijk geloofwaardigheid: hier speelt de angst mee dat het referendum in de Donbass echt is en de Russen zich aan de uitslag zullen houden. En ook alles zullen doen om dit te waarborgen. Iets waar wij als burgers van de EU niet meer in geloven en we delen dan ook met graagte het cynisme van Lubach. Maar als dát het gesprek van de dag is geworden dan bewijst dat in zichzelf dat we ons liever niet meer met de schrikbarende realiteit willen bezighouden. Want het begint er op te lijken dat we de Westerse waarden zo langzamerhand in het Oosten moeten zoeken.

Over de auteur

Hielke de Boer heeft meer dan dertig jaar in de financiële sector gewerkt bij zowel internationaal opererende bedrijven als kleine sociaal-culturele instellingen. Zijn columns betrekken de maatschappelijke ontwikkelingen in een context van geopolitiek, culturele verschijnselen en historische achtergronden.