Brief die vandaag naar de Tweede Kamer gaat: Brief aan Kamercommissie KGG locatiekeuze nieuwe kerncentrales en de positie van de Eemshaven ( pdf, 236kb)
Onderliggende onderzoeken geven ander beeld
De conclusie dat er uiteindelijk slechts twee geschikte locaties overblijven, de Eemshaven en Terneuzen, volgt niet logisch uit de onderliggende onderzoeken. Niet alle locaties die volgens het Rijk zijn afgevallen, zijn daadwerkelijk onmogelijk. Dat blijkt ook uit onderzoek in opdracht van het Rijk zelf: de plan-MER stelt dat alle locaties in principe realiseerbaar zijn. Wel blijkt uit de analyses van TenneT dat geen enkele locatie echt geschikt is. De Eemshaven zou dan de minst ongeschikte plek zijn. Daarbij komt dat de gemaakte afwegingen vaak incompleet, niet duidelijk of niet navolgbaar zijn. Hierdoor beschikt de Kamer niet over voldoende informatie om een afgewogen oordeel te kunnen vellen. De Tweede Kamer wordt gevraagd richting te kiezen, terwijl fundamentele vragen nog niet zijn beantwoord. Dat is geen solide basis voor een besluit met gevolgen voor generaties. Voor een besluit met grote maatschappelijke, ruimtelijke en financiële gevolgen is dat volgens de Groninger overheden onacceptabel.
Locatiekeuze loopt vooruit op energiesysteem
Ook tegen de volgorde in het huidige proces zijn flinke bezwaren. Over de invulling van de rol van Groningen in het toekomstige energiesysteem zijn de afgelopen jaren bestuurlijke afspraken gemaakt. Bijvoorbeeld via Nij Begun en het ruimtelijk arrangement. Dit is het vertrekpunt om het gesprek voort te zetten. Daarbij wordt Groningen beschouwd als een essentiële schakel in het toekomstige energiesysteem. Wanneer integraal moet worden bepaald welke rol Groningen krijgt binnen het toekomstige energiesysteem, ligt het niet voor de hand om vooruitlopend daarop al toe te werken naar een locatiekeuze voor twee grote kerncentrales. Een keuze waarmee andere opwek zoals wind vanaf zee of de aanlanding en productie van waterstof vrijwel onmogelijk wordt in de Eemshaven en die geplande ontwikkelingen belemmert.
De huidige volgorde dreigt ertoe te leiden dat locatiekeuzes vooruitlopen op nog niet gemaakte strategische keuzes over het energiesysteem. Gezien de omvang van de investering en de gevolgen voor toekomstige generaties vraagt dit om maximale zorgvuldigheid.
Ernstige twijfel
De provincie en de gemeenten hebben de onderzoeken die het ministerie op 19 juni gepubliceerd heeft, door deskundigen laten beoordelen. Hun conclusie is dat op essentiële onderdelen serieuze vragen bestaan over de kwaliteit van de onderzoeksbasis, de vergelijking tussen locaties en de samenhang met het toekomstige energiesysteem. Onder meer de gevolgen voor de Waddenzee roepen grote vragen op. Zo leggen de Europese Kaderrichtlijn Water en de UNESCO-status belangrijke beperkingen op aan activiteiten die leiden tot extra opwarming van het zeewater. Zonder verdere onderbouwing wordt erop vertrouwd dat de toekomst oplossingen zal bieden voor de met zekerheid optredende te grote opwarming van het zeewater door de lozing van koelwater.
Stapeling van opgaven
Tot slot mist in de huidige afweging een overtuigende beoordeling van de effecten van de stapeling van nationale opgaven in Noord-Groningen, waaronder de uitbreiding van het hoogspanningsnet, de uitbreiding van de Eemshaven, natuuropgaven en defensie-gerelateerde activiteiten.
Groningen blijft energieprovincie
Groningen wil ook in de toekomst een bijdrage blijven leveren aan de energievoorziening van ons land, maar wel volgens afspraak, in samenspraak en op basis van een deugdelijk proces, een brede afweging en de juiste feiten. Daarom vraagt Groningen de Kamer geen voorkeurslocatie aan te wijzen voordat alle relevante afwegingen zijn gemaakt en de benodigde informatie beschikbaar is om een goed onderbouwd besluit te nemen.

