Vrije sector huurwoningen niet langer vogelvrij

Vrije sector huurwoningen niet langer vogelvrij

GRONINGEN – Tot 2020 mochten verhuurders van vrije sector huurwoningen zelf bepalen met hoeveel ze de huurprijs elk jaar wilden ophogen, mits ze dit een keer per jaar zouden doen. Dit wordt in 2021 veranderd. Althans, dat wil Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Kasja Ollongren. Het plan moet nog gekeurd worden door de Eerste Kamer.

Verschil vrije sector en sociale huurwoningen

Voordat je weet of dit nieuws ook op jouw huurwoning van toepassing is, is het natuurlijk belangrijk om te weten wat nu precies het verschil is tussen een huurwoning in de vrije sector en een sociale huurwoning. Het onderscheid tussen deze twee vind je bij de huurprijs. Een sociale huurwoning kent namelijk een begrensde huurprijs en deze mag niet hoger zijn dan dan de liberalisatiegrens, ook wel bekend als de huurtoeslaggrens (€ 752,33 in 2021). Als een huurwoning bij aanvang van het huurcontract boven deze grens geprijsd is, is het geen sociale huurwoning maar spreekt men van een vrije sector huurwoning. Vaak worden deze huurwoningen verhuurd via makelaars en particuliere verhuurders en kun je ze eenvoudig terugvinden via een woningplatform, zoals Huurstunt.

Begrensde huurprijsstijging vrije sector

Vanaf 2021 verandert er iets voor huurders die zo’n vrije sector huurwoning huren. Voorheen mocht de verhuurder van deze huurwoningen zelf bepalen hoeveel de huurprijs jaarlijks verhoogd werd. Vanaf 2021 gaat dit veranderen. Een woning verhuren in de vrije sector is niet meer zo vrij als het eerst was. Deze verhuurders worden waarschijnlijk in 2021 ook gebonden aan een maximale huurprijsstijging. Net als de verhuurders van sociale huurwoningen. Deze huurprijsstijging wordt elk jaar opnieuw vastgesteld door de overheid en zal bindend zijn voor de huurverhoging. Deze verhoging mag maar één keer per jaar gebruikt worden, zodat ook huurders van vrije sector huurwoningen weten waar ze aan toe zijn.

Opkoopbescherming

Een andere maatregel die die Minister Ollongren graag wil invoeren is de opkoopbescherming. Gemeenten moeten dan de mogelijkheid krijgen om in buurten waar dit nodig is te voorkomen dat beleggers alle koopwoningen opkopen om te gaan verhuren. Dit belemmert starters en doorstromers om hun eerste huis te kopen en dat is problematisch. Ook bevordert het de leefbaarheid in de wijken niet als alle koopwoningen veranderen in huurwoningen. Natuurlijk moet het mogelijk blijven om een huis te kopen om ‘m vervolgens te verhuren, maar dit moet niet onbeperkt kunnen. Daarom moet de belegger voortaan een vergunning aanvragen, zodat deze vorm van beleggen gereguleerd kan worden.

Tijdelijk huren moet langer kunnen

Ook de huurcontracten gaan op de schop, als het aan de minister ligt. Zo moet het mogelijk worden om een woning tijdelijk te verhuren voor een langere periode. Normaal kun je maar eenmalig een tijdelijk huurcontract afsluiten, maar er wordt op dit moment gekeken naar de mogelijkheid om deze contracten te verlengen met één of twee jaar. Zo krijgen huurders meer flexibiliteit, wat bevorderlijk is voor de huurmarkt.

Foto: PhotoMIX Company/Pexels