“Fat shaming moet weer terug”, zei Jort Kelder onlangs in een interview op BNR.
Een tikkie provocatief, zo kennen we Kelder, de man die nooit zijn eigen broek hoeft op te houden – dat doen de bretels. Moraal van zijn verhaal: obesitas kost de samenleving vreselijk veel geld, en dat zal in de toekomst alleen maar erger worden. Overgewicht: we denken er te licht over.
Onlangs hoorde ik een ander interview op een nieuwszender, waarin het ging over Ozempic.
Hierin werd dit medicijn gepresenteerd alsof het thuishoort in het rijtje paracetamol-keelpastilles.
Kijk, daar heb ik dan wel een duidelijke mening over: Ozempic is slechts een vorm van symptoombestrijding. Overgewicht, of obesitas, is meestal het gevolg van een verstoorde verhouding tussen enerzijds inname, en anderzijds verbruik. Een topwielrenner die fulltime traint en ’s avonds drie keer opschept zal daar op de weegschaal niets van merken. Echter, als een kantoorman van vijftig dagelijks dezelfde hoeveelheid calorieën tot zich neemt, dan is gewichtstoename het logische gevolg. Een zittend bestaan zet de stofwisseling in stand-by modus, terwijl langdurig hard fietsen diezelfde stofwisseling juist opschroeft. De kantoorman zal dus rekening moeten houden met wat hij eet – of postbode moeten worden.
Maar nu het grote probleem: het lichaam is een thermostaat. Dé reden waarom veel diëten op niets uitdraaien. De eerste dag is nog makkelijk: je schept eens een keer wat minder op, slaat een tussendoortje over, drinkt een glas water in plaats van ijsthee. Maar dan slaat het lijf aan het rekenen. Error: de inname is te laag. Fix: eten. Message: honger, ordinaire honger. Geef je gehoor aan deze melding, dan zal het brein je belonen in de vorm van allerhande zaligmakende stofjes. Negeer je het alarm, dan zal het een tijdje blijven loeien, tot het innametekort het nieuwe normaal is geworden. Dat laatste punt, dat halen mensen vaak niet. En dus vallen ze niet af, raken ze gefrustreerd, vervallen ze in eindeloos gejojo.
Is Ozempic dan de oplossing? Gewoon een paar keer prikken en klaar is kees.
Het ‘medicijn’ doet niets aan het onderliggende probleem, de verstoorde inname-verbruik-verhouding. Het maskeert slechts het gevolg. Het is als een scherpe bocht op de snelweg, waar duidelijk voor wordt gewaarschuwd. Maar in plaats van even af te remmen investeer je in vier nieuwe banden voor meer grip. Ozempic is hooguit een oplossing voor mensen met ernstig overgewicht. Mensen die zich amper op eigen kracht kunnen voortbewegen, en niet meer in staat zijn om überhaupt te sporten. Voor die groep kan het misschien net het verschil maken. Al die anderen: je hebt geen duur sportschoolabonnent nodig om af te vallen, ga gewoon eens wat vaker naar buiten.
Foto: Mali Maeder (Pexels)



