Opinie

Column: De strijd tegen de kilo’s

Een paar weken geleden woog ik vijfennegentig kilo.

Dan heb je overgewicht, volgens de standaard normering. Geen obesitas maar wel gewoon te zwaar. Natuurlijk had ik al gemerkt dat mijn broeken wat strakker zaten, en ja, op foto’s zag ik ook wel dat een en ander uit verhouding begon te raken. “Weeg je echt vijfennegentig kilo?!”, reageerde mijn vader toen hij het hoorde. Kijk: ik ben altijd erg lang geweest. En dun ook. Heel dun. Tot mijn twintigste was ik een spriet. Net als de rest van de familie. Als de familie Hogeweg naar het ziekenhuis gaat hoef je in ieder geval nooit een röntgenfoto te maken, de arts kan zo wel zien wat er aan de hand is. Overgewicht, dat overkomt mij niet – dacht ik tot voor kort. Iets met gunstige genen.

Maar het overkwam me dus wel. Want ja, die kilo’s zijn er niet van de een op de andere dag. Zoiets sluipt erin. Ik was (ben?) een flinke eter. Altijd al geweest. Ik nam ’s avonds – na training, dat wel – gerust nog een flinke kom cruesli met Griekse yoghurt. Zou dat het dan geweest zijn? Is het de cruesli die me de das om heeft gedaan? Het heeft vast niet geholpen. Maar ik vermoed dat het niet de grootste boosdoener was. Ik kon altijd probleemloos flinke hoeveelheden eten, zonder ook maar een grammetje aan te komen. Oké, ik was dan nog wel wat jonger, maar toch. Ik stond bekend als de kliko; alle restjes gingen automatisch naar mij, want “ik moest er nog van groeien”. Mijn oom keek wel eens jaloers mijn kant op als ik weer anderhalve dame blanche had weggewerkt. “Waar láát jij het?”, vroeg hij meer dan eens. Ik wist niet beter. Die dame blanche verdampte direct dankzij mijn supersonische stofwisseling.

Het zal een combinatie van factoren zijn. Ouder worden zorgt voor een tragere stofwisseling, maar het gebrek aan beweging speelt waarschijnlijk een veel grotere rol. Een dieet: met alle respect, dat trek ik niet. Iets minder eten dan voorheen lukt wel, maar echt op rantsoen gaan houd ik niet vol. Nee, het is beweging wat het tij moet keren. Afgelopen weken heb ik daarom geprobeerd dagelijks twintigduizend stappen te zetten. Geen eenvoudige opgave als je een baan hebt waarbij je veel zit. Op dit moment weeg ik iets meer dan achtentachtig kilo. Ik zie het al terug in mijn gezicht (ingevallen wangen). Het buikspek komt helaas pas als laatste aan bod, als ik de wetenschap mag geloven. Maar ook daar zie ik al wat voorzichtige veranderingen. De broeken knellen al iets minder. Nog een paar weken volhouden en dan heb ik de riem weer nodig. En, als het een beetje meezit, wordt dan ein-de-lijk die felbegeerde sixpack zichtbaar.

Foto: Pixabay (Pexels)