Column: Duits

Column: Duits

COLUMN – Vorige week zondag was het de eerste officiële rokjesdag. Waarvan akte.

Rokjesdag is nauw verbonden met Martin Bril. Hij vond het wonderbaarlijk dat vrouwen zonder afspraak van de ene op de andere dag besloten tot het dragen van dit kledingstuk. Voor mannen is het een opwindende periode want een rokje betekent frisheid en lente. Een rokje betekent uitdagend kijken en soms een klap voor je kop. Een rokje betekent zon en vooral hopen op een beetje wind. Want wat is er mooier dan een rokje wat een klein beetje opwaait.

Nu blijkt opeens dat katten ook corona kunnen krijgen. “Wel in mindere mate”, zei Ab Osterhaus tussen twee slokken rode wijn bij de talkshow Op1. Ab komt daar regelmatig een wijntje doen. We noemen hem thuis geen viroloog maar vinoloog. Na een paar glazen komt Ab los. “Er is geen enkele reden tot paniek”, roept hij dan, terwijl wij zwetend van virusangst achter de bank kruipen. “Bij corona zit uw kat hooguit een tijd in de lappenmand”, lalt Osterhuis. “Ja sapperdeflap Ab. Dan had ik beter een lapjeskat kunnen nemen.

“Vogels hoor je nu beter door de stilte”, zei een televisiemevrouw met een kapsel als een kaketoe. Ik hoorde haar vertellen over de huis tuin en keuken vogel die we konden ‘spotten’. Van merel en koolmees tot aan het roodborstje. Er ging een wereld voor me open. Ik weet weinig van vogels. Vroeger keek ik wel roodborstjes op het strand. Je had ze in alle maten. Veelal blond met een witte huid. Na een zonnige dag kleurden de borstjes in de namiddag mooi rood op.

Vaak zag ik roodborstjes bij de ijscoman. Die reed met een kar met paard langs de vloedlijn. Dan vloog ik met de roodborstjes mee over het strand naar het schepijs. 1 hoorntje vanille, 2 hoorntjes aardbeien 1 bekertje mokka. Waarbij de aardbeien en de vanille met slagroom. Dan stond ik te wachten bij de kar en keek met open mond naar de op en neer springende natuur. “Zegt het maar”, blafte de zware stem van de ijscoman. Even later keerde ik terug bij de strandstoelen met vier gevulde koeken…

‘De Duitse grens gaat dicht’, stond er in de krant. “Das 75 jaar te laat”, zei Fred, mijn vriend en oud verzetsstrijder. Toen ik hem destijds vertelde dat ik net over de grens in Duitsland woonde sloeg hij een paar whiskey’s achterover gaf me een klap op m’n schouder en zei “Ach daar kun je ook niks aan doen” Ik keek naar buiten en kreeg een unheimliches Gefühl. Voorgoed in Duitsland. Dat voelde als op het strand worden begraven met alleen je kop boven het zand.

Ik droomde die nacht van Angela Merkel. Ik probeerde nog te vluchten maar je komt niet om haar heen. “Du bleibst für immer bei mir” lachte ze scheef. “Es gibt kein weg zurück”. Ze zouden me zeker in een oude bunker gooien. Of naar de grens sturen om te vechten tegen die Holländer die goedkoop wilde tanken. “Alleen de vogels vliegen van Oost naar West Berlijn…”. Maar misschien vlogen ze nu wel verder. Kon ik zelfs met ze mee. Hangend aan de pootjes van mijn favoriete vogeltje. “Hast du einen letzten Wunsch?, vroeg Angela. “Geef me maar een roodborstje”, zei ik.

Over de auteur

Deze column is geschreven door Ronny Lammers. Ronny schrijft elke zondag een spraakmakende column waarbij hij geen blad voor de mond neemt. Ronny is eigenaar/coach van ITP Institute Tennis Promotion en traint met zijn team alle niveau’s in het noorden van Nederland.

Foto: Ronny Lammers