Column: Huidhonger

Column: Huidhonger

Ik leef al jaren alleen. M’n dieren geven me liefde en troost en mijn beloning is ruim. Ik knuffel en aai, ik kriebel en kus. Alleen zijn went. Leven zonder aanraking went nooit.

De laatste tijd kreeg ik visioenen van een vriendschappelijke klap op m’n schouder en uitdagende kneepjes in m’n wang. De psycholoog stelde de diagnose en keek me aan over z’n bril; “U hunkert naar fysieke intimiteit. U hebt huidhonger..!!”

De wereld wordt naast corona geteisterd door een huidhonger pandemie. Ik realiseer me dat ik voor het laatst drie maanden geleden iemand de hand heb geschud of een high-five heb gegeven. Opeens krijgen we weer het besef van aanraking. Worden de sensoren in de huid zacht geprikkeld door een streling dan maken de hersenen blijmakende stoffen aan zoals dopamine. Of je nu die student bent op een zolderkamer of een dementerende oudere in een verzorgingstehuis. Het maakt niet uit. Omdat we allemaal behoefte hebben aan lichaamswarmte. Omdat we allemaal verlangen naar vel. Vel voelen is van levensbelang. Vel vasthouden maakt gelukkig.

Mensen dachten vroeger anders over de zorg voor baby’s dan nu. Het woord ‘hechting’ was nog niet uitgevonden. Voeding en (fysieke) warmte was het belangrijkste aan babyzorg. Knuffelen, aanraken en troosten was overbodig. Maar was moederliefde echt ondergeschikt aan voedsel..? Harry Harlow besloot het in 1958 te gaan onderzoeken. Hij zette babyaapjes elk in een kooi met twee kunstapen. De ene nepmoeder was warm en zacht, had een teddyvacht maar geen melk. De andere was van ijzerdraad en gaf wel melk. Wat bleek? De babyaapjes klampten zich bijna de hele dag vast aan de teddystofmama. Alleen om te drinken sprongen ze snel even over naar hun draadstalen apenmoeder.

We vinden andere mensen vaak eenzaam. Maar misschien behoren we stiekem ook wel tot die groep. Facetime en Instagram zorgen voor surrogaat contact. Staren naar een beeldscherm en het sturen van een hartje kan een knuffel niet vervangen. Vroeger discussieerde je op straat. Nu klikken ze je weg op Facebook. Sta op en ga het avontuur tegemoet. Zoek fysiek contact. Pak iemand bij de arm en zie de wonderen met vier ogen. Kijk naar de schuimende golven langs het strand en de krakende takken van de herfstwind. Adem het leven. Houd elkaar vast. Leef alsof je leven ervan afhangt.

Laatst omhelsde iemand mij en ik besefte opeens hoe erg ik dat had gemist. Ik voelde me weer het kind van vroeger die als de school uitging in de wijd opengesperde armen van z’n moeder rende. Daar onder haar jas was het veilig en vertrouwd. Haar warme lichaam. Het baarmoedergevoel. Dichtbij de bron. Daar waar m’n hart was begonnen met kloppen. Haar kus op m’n wang. Haar hand door m’n haar. Haar lieve gezicht tegen de mijne. Dan rook ik de parfum op de kraag van haar jas. En m’n kindergevoel zei dat het allemaal goed kwam. Dat dit nooit meer voorbij zou gaan. Moeders gingen niet dood. Die bleven voor altijd. Herinneringen aan een lief leven. Ik was ze bijna vergeten. Opgeslokt in de mist van de tijd.

Over de auteur

Deze column is geschreven door Ronny Lammers. Ronny schrijft elke zondag een spraakmakende column waarbij hij geen blad voor de mond neemt. Ronny is eigenaar/coach van ITP Institute Tennis Promotion en traint met zijn team alle niveau’s in het noorden van Nederland.

Foto: Ronny Lammers