Column: Review

Column: Review

COLUMN – Ik ben niet het type dat reviews achterlaat op beoordelingssites, maar een korte nabeschouwing kan natuurlijk geen kwaad.

Je zult mij nooit betrappen op een de schnitzel was niet gaar (hoe moeilijk kan het zijn?), die troela van de bediening stootte mijn bier om, daarom één ster voor deze ballentent. Dat vind ik te makkelijk, nietszeggend bovendien. Het is een momentopname. Je kunt pech hebben, of geluk (oké, er zijn restaurants waar je vaker pech hebt dan geluk). Als ik er iets van vind, wat meestal wel lukt, dan post ik dat niet op een reviewsite. Daarvoor heb ik deze column.

De camping in Oostenrijk was een camping, zoals je je die voorstelt wanneer je aan een camping denkt. Compleet met caravan-onvriendelijke helling, een receptie vol uitvouwbare wegwerpfoldertjes en, niet te vergeten, een broodlijst waarop je naam en nummer kon invullen. Op onze aankomstdag was de bestelling net een kwartier eerder naar de bakker gegaan. “Kein Problem”, reageerde ik begripvol, maar het vooruitzicht dat ons ontbijt zou bestaan uit twee geplette bolletjes kaas, kwam mijn humeur niet ten goede. Een man met teenslippers en hipsterbaard wees op een plattegrond aan waar we de tent konden opzetten. Normaal volgde een routebeschrijving naar de plek, maar dat was bij deze camping niet nodig, zo groot was ie niet. We lieten de auto op de gezamenlijke parkeerplaats staan en liepen naar de aangewezen locatie. Daar aangekomen bleek “onze” plek al bezet, in de vorm van een zwarte bestelbus en twee klapstoelen. Inschattingsfoutje van de receptieman, kan gebeuren. Ik zag een ander stuk gras dat me wel wat leek vanwege het vrije uitzicht en vroeg maar meteen of we daar dan mochten staan. Dit moest overlegd worden met de eigenaresse van de camping, die gelukkig direct instemde. De man verontschuldigde zich voor de vergissing, ik liet in half Duits half Engels weten dat ik niet boos was.

Het vrije uitzicht dat me wel wat leek hield welgeteld een dag stand. Het risico van een camping. De bergen werden verruild voor een gigantische grijze camper met schotelantenne. Een spuuglelijk ding, dat moest ik natuurlijk ook even uitspreken. “Die hebben zeker in het leger gezeten, anders ga je niet met een tank op vakantie”. Mijn vriendin wees me erop dat de kans bestond dat de mensen snel weer zouden vertrekken. “Ja, misschien als de Taliban vanuit Slovenië binnenvallen, dan komt die tank van pas”.

Onze De Waard-tent stond ingeklemd tussen twee uitersten. Aan de ene kant een ouder, gepensioneerd echtpaar uit Roden, aan de andere kant een Duits gezin met drie hyperactieve kinderen. Van die kinderen die hun eigen ouders wegpesten. Op een zeker moment kreeg ik van een van de kinderen een krekel aangeboden voor bij de noodles, dit aanbod weigerde ik toch maar. De man uit Roden schoot te hulp toen er op een avond iets misging met het verwisselen van een gasfles, de camping ontsnapte ternauwernood aan een ramp. Ik zag de krantenkop al voor me. Nederlander blundert met Campingaz-blik, knal tot in Villach te horen. Je wil ook een beetje normaal naar huis natuurlijk.

Het sanitair was verouderd, dat had ik al begrepen uit diverse reviews. Geen nieuws dus. Dat je voor het douchen een muntje nodig had was wel nieuw, je kon daarmee maximaal vier minuten warm douchen. Ik vroeg bij aankomst om dertig muntjes, zoveel hadden ze echter niet op voorraad. Bovendien leek het de man met hipsterbaard niet nodig om elke dag te douchen. Ik wist daar niets zinnigs tegenin te brengen. Toen we halverwege de vakantie werden verrast door een ACSI-inspecteur, met de vraag of we de camping wilden beoordelen, lag de reactie ”natuurlijk, heb je even?” wel erg voor de hand.

Over de auteur

Deze column is geschreven door Derek Hogeweg. Derek is programmamaker bij OOG Radio en fanatiek wielrenner. Zijn columns gaan over uiteenlopende onderwerpen. In alle gevallen betreft het de mening van een lange man.

Foto: Derek Hogeweg