Opinie

Column: Songfestival

COLUMN – Ibizabruine Cornald Maas is bijna 60 jaar, komt uit Bergen op Zoom en is doof. ‘Onze’ Mia Nicolai en Dion Cooper janken het behang van de muur, maar Cornald vindt dat wij ze moeten steunen. Inmiddels heeft Jan Smit al de benen genomen. Die schaamde zich ook de trommelvliezen uit z’n kop met zo’n dramatisch zeiknummer.

Het ging een paar jaar boven verwachting, maar we krijgen nu weer een ouderwetse Songfestival-avond. Nederland uitgeschakeld door wanprestatie van zichzelf overschatte ‘sterren’. Ik verheug me er nu al op. Gelukkig dat we kansloos zijn. Weet u wat zo’n festival kost? Daarom sturen veel landen van die kutnummers. Wel meedoen, maar in godsnaam niet winnen.

Mensen, mensen, wat hebben we veel moeten doorstaan met het Songfestival. Wat een ellende. Wat een grafstemmen. M’n hond kroop jankend in z’n mand met de voorpoten in z’n oren. En wij, domme burgers. Wij mogen zelf niet kiezen wie er zingt. Onze kwelende banketstaaf Duncan Laurence heeft opeens een vinger in de pap, samen met Eric van Stade van de selectiecommIssie. Ik herhaal ‘selectiecommissie’. Duncan krijgt een strak plassertje van z’n eigen overschatte jut en jul. Man, man, man, de Josti Band is much better.

In het verleden kon je tenenkrommende liedjes nog camoufleren met een draaiorgel of een licht loensende Indiaan. Maar die tijd is voorbij. Je zou zo’n nummer van Mia en Dion ook schriftelijk af kunnen doen, maar dan blijft het valsheid in geschrifte. Was vroeger dan alles beter? Maar natuurlijk wel. Er was een live orkest met superdirigenten als Dolf van der Linden en Dick Bakker die indertijd ook de componist en arrangeur was van Teach In’s Ding-A-Dong, de winnaar van 1975. Grappig, hij was ook de dirigent van Waterloo. Sven Olof Walldoff maakte er in 1974 een show van door met een Napoleonsteek de bok te betreden.

Thuis keken we altijd naar het Songfestival. Haartjes nat, nog even op totdat vader zei: ‘vooruit naar bed’. Het was een traditie. Mijn vader was vroeger gek op operette-zangeres Anneliese Rothenberger. Hij zat uren voor de buis. “Wat kan die vrouw zingen hè?”, riep hij enthousiast terwijl hij naar haar boezem tuurde.

En over vrouwen gesproken: Corry Brokken, Teddy Scholten, Greetje Kauffeld, Annie Palmen, Anneke Grönloh, Conny Vandenbos, Milly Scott, Thérèse Steinmetz, Lenny Kuhr, Sandra Reemer, Heddy Lester, Maggie MacNeal, Maribelle, Ruth Jacott, Edsilia Rombley, Glennis Grace (u weet wel onze Jumbo-tokkie), Anouk en Ilse de Lange. Goede wijn behoeft geen krans. Zoals de dames zongen, piepen helaas onze jongen. Niks live muziek, maar afspeelbandjes en autotune. Weg authenticiteit. Alleen maar robotachtige dreunen. Klinkt als pats boem, dreun, dreun. Alles dreunt hetzelfde. Ach, een nichtenfeestje is niet voor één gat te vangen.

Na deze afgang wordt het tijd voor een serieuze aanpak. Ik stel voor dat we Marco Borsato sturen. Gevangen in z’n Alkmaarse penthouse. Veroordeeld voor het leven. Imago weg, zangkunsten weg, Leontien. De hoogste tijd voor een mega comeback. Les Pays Bas; Douze Points.

Over de auteur

Deze column is geschreven door Ronny Lammers. Ronny schrijft elke zondag een spraakmakende column waarbij hij geen blad voor de mond neemt. Ronny is eigenaar/coach van ITP Institute Tennis Promotion en traint met zijn team alle niveau’s in het noorden van Nederland.

Foto: Ronny Lammers