Column: Stadtkyll

Column: Stadtkyll

COLUMN – Voor de verandering was het laatste EK niet vier maar vijf jaar geleden.

Ik kijk nooit, maar dan ook echt nooit voetbal. Behalve als er een EK of WK is, dan wil ik ineens alle wedstrijden zien. Dus ook Uruguay-Iran en Panama-Peru. Geen idee waarom.

Vijf jaar geleden, in juni 2016, verbleef ik met mijn vader een bescheiden midweek op een Landal-park in Stadtkyll, Duitsland. Erg druk was het er niet, maar dat vonden we niet erg. Integendeel. We hadden het zwembad voor onszelf en veel meer dan een zwembad hadden we niet nodig. Bij de ALDI in het nabijgelegen Jϋnkerath kocht ik op de aankomstdag een sixpack halve liters Carlsberg. “Ik heb zin in Duits bier.” Mijn vader begon te lachen. “Carlsberg is Deens.”

“Oh, haha… nou ja, bier is bier!”

Het waren actieve dagen. De routes voor de racefiets die ik had uitgezet, zaten vol verrassingen. De ene aangenamer dan de ander. Sommige stukken bleken niet geasfalteerd en soms was het asfalt zo beroerd dat je het nauwelijks asfalt kon noemen. Het weer hielp ook niet mee, in een spookdorp net over de Belgische grens schuilden we bij een vervallen bushokje dat te klein was om te schuilen – dat er op die plek überhaupt een bushokje was verbaasde me nog het meest. “Blijkbaar kan het uit om hier een bus te laten komen”, zei ik oprecht verbaasd. “Ja, blijkbaar wel.” De conclusie dat we op deze plek nog niet dood gevonden wilden worden gaf aanleiding om snel verder te gaan. Ik stak mijn hand uit. “Het lijkt droog.” Via een oud spoortracé, omgebouwd tot fietspad, fietsten we terug naar het vakantiepark. Een deel bleek nog niet omgebouwd en was ongeschikt voor dunne racefietsbandjes. Gevloek en gemopper van mijn kant. “Godsamme, die kaart op de Garmin klopt gewoon niet, het zou hier verhard moeten zijn!”

Het gehannes met manoeuvreren werd er gedurende de midweek niet beter op.

Het leek makkelijk om vanuit Altenahr naar het hoger gelegen Steinerberghaus te wandelen. Mijn idee. Veel informatie over het parcours had ik niet, afgezien van dat we ergens bij een treintunnel naar links moesten. Verwarring alom. Wel een treintunnel, geen pad – in ieder geval niet het pad waar wij naar links moesten. Terechte vraag. “Weet je zeker dat het hier is?”. Ontkennen had weinig zin. “Nee”. De korte trip langs de rand van Altenahr was evengoed de moeite waard, Altenahr sowieso. Het Steinerberghaus bereikten we alsnog met een nieuwe poging vanuit Kesseling, aan de andere kant van de heuvel. De Kaffee mit Kuchen deed alle blunders vergeten.

In het Landal-huisje ging ’s avonds de tv aan. Het EK, gehouden in Frankrijk, zat in de groepsfase. Nederland deed niet mee maar daar hadden we in Duitsland geen last van, we waren Nederland al bijna vergeten. Het enige dat aan Nederland herinnerde was een geel nummerbord en de mobiele telefoons, waarop zo nu en dan een berichtje binnenkwam van het thuisfront. “Wat een kwal”, zei ik toen Ronaldo in beeld kwam, mijn vader was het met me eens. “Wel een goede voetballer.” Op het park was aan niets te merken dat er een groot toernooi aan de gang was, zelfs niet toen de Duitsers aan de beurt waren. Geen vlaggen, geen geschreeuw, geen explosie van gejuich. Voor voetbal moest je niet in de Eifel zijn, in Stadtkyll telde alleen de schoonheid van het glooiende landschap, met zijn groene heuvels en kenmerkende vakwerkhuisjes. Typisch Duits.

Dat Carlsberg Deens was proefde ik niet maar dat leek me normaal.

Over de auteur

Deze column is geschreven door Derek Hogeweg. Derek is programmamaker bij OOG Radio en fanatiek wielrenner. Zijn columns gaan over uiteenlopende onderwerpen. In alle gevallen betreft het de mening van een lange man.