Column: Transavia

Column: Transavia

COLUMN – Tussen alle ontplofte bommen op het vliegveld van Kabul was er nog meer dramatisch nieuws. Een vriend belde vanaf de Canarische eilanden en vertelde me dat z’n koffer niet gearriveerd was. Hij wel. Maar de koffer niet. Met Transavia. Ja dat zijn onvoorstelbare berichten. Dan zakt de wereld onder je voeten vandaan. “M’n nieuwe zwembroek zat er ook in”, maakte hij m’n dag nog onaangenamer. Ik vroeg me af of er nog enige hersenactiviteit tussen z’n oren zat. “Man, het enige wat je nodig hebt is een tandenborstel en condooms”, riep ik nog. Maar hij had al opgehangen.

Transavia is echt niet de hel op aarde die je verwacht. Als je recht naar buiten blijft kijken valt het duct tape waarmee de raampjes bij elkaar worden gehouden helemaal niet meer op. En natuurlijk blijven er na een service beurt soms wat moertjes en boutjes achter. Soms knippert er weleens een rood lampje in de cockpit. Kijk, dan handelen ze snel bij Transavia. Dan draaien ze dat lampje gewoon los. Een Transavia-vliegtuig ruikt in de regel wat minder penetrant dan het zwetende Roemeens okselhaar van zo’n Oostblok-beuker. Maar goed, bij ‘Trans’ betaal je er ook iets meer voor. Desalniettemin blijkt Transavia gewoon goedkoop onrendabelen vervoer, maar dan met vleugels. Zelfs in 2021 zit er nog passagiersvolk tussen dat applaudisseert vlak na de landing. En dan zijn er die schijtlollige Vinex-wijk vriendjes van het type “lekker zuipuh, want toch alles olienkloesief”.

De stewardessen worden blijkbaar niet op hun uiterlijk geselecteerd. Maar zoals m’n moeder altijd zij; “Jongen, het gaat om het karakter”. Transavia probeert tijdens de vlucht verdrietige maaltijden door je strot te duwen. ‘Basic-air’ service heet dat. Vliegen maakt hongerig en voor een tapas en een prosecco ben je in één klap door je vakantiegeld heen. Overleven doe je 14 dagen aan de Costa’s met een ‘Kroket van Ed’ of een Pannenkoek van Loek. Volkse restaurantjes met een accordeon die geduldig hangt op de grote boezem van blonde Nel.

De beenruimte laat bij Transavia te wensen over. Tenzij je geen benen hebt. Dan ben je een geluksvogel. Anders betaal je 40 euro per been aan extra ruimte. Uit onderzoek is gebleken dat mensen die in elkaar gedrukt zitten veel winden laten. Vaak worden deze mensen verplaatst naar het achterste gedeelte van het toestel omdat de reistijd stevig kan worden ingekort. Dit principe wordt “wind mee” of “rug wind” genoemd. Maar zeiken op Transavia is niet altijd terecht. Wel eens met Aeroflot of Peru Air gevlogen? Daar moet je als passagier met je armen wiekend op en neer slaan om het toestel te laten opstijgen.

Ik ben zelf een keer met het Spaanse Spantax gevlogen. Iedereen zei dat het zo slecht was. Onzin. Service was van een hoog niveau net als de benen van de stewardess. Vlucht prachtig en landing super zacht. En dat alles in een recordtijd. De stewardess bij de trap zwaaide ons enthousiast uit. Wij keken elkaar aan en opeens zagen we het; We stonden op het verkeerde vliegveld. Foutje van de piloot. Beetje laat geworden bij een personeelsfeestje. Had je die zuur kijkende Nederlanders moeten horen. Wij niet. Wij waren met een natte vinger te lijmen. Na drie glazen sangria, neergezet door rood gelakte nagels was alles vergeven en vergeten.

Over de auteur

Deze column is geschreven door Ronny Lammers. Ronny schrijft elke zondag een spraakmakende column waarbij hij geen blad voor de mond neemt. Ronny is eigenaar/coach van ITP Institute Tennis Promotion en traint met zijn team alle niveau’s in het noorden van Nederland.

Foto: Ronny Lammers