Column: Vel

Column: Vel

COLUMN – Iedere dag passeer ik met m’n oude Volvo de Nederlandse grens en rij opgewonden door een dikke muur van stikstof.

Mensen mensen wat een sensatie is dat. De motor gromt. De ruitenwissers op de hoogste stand. En dan die opwellende vreugdetranen als ik het weer heb overleefd.

M’n dieselauto wordt vanaf november bij de Ring A10 geweerd door Femke Halsema met een nep pistool. Zelfs als geboren Amsterdammer kom ik er niet meer in. Mijn auto is zwart. Ik ben dus een racist. Let maar op. Krijg je dat ook nog. Willen jullie meer of minder zwarte auto’s op de weg. Gekker moet het niet worden in deze bananenmonarchie.

Ik stopte bij een benzinepomp voor een krantje. “Ron Jans komt naar Nederland omdat hij hier alles mag zingen wat ie wil”, stond er op de voorpagina. Oeioeioei ik zou niet zomaar inzetten met ‘Moriaantje zo zwart als roet’ of ‘Tien kleine negertjes’. Dan moet je steeds omkijken of er iemand dicht achter je loopt. Zelfs als je naar de HEMA gaat.

Ach die goeie ouwe HEMA. Behalve ons laten happen in een sappige worst zijn ze daar het spoor totaal bijster. Tegen de paasdagen zeggen ze feestdagen, moorkoppen noemen ze chocoladebollen en op de genderneutrale kinderafdeling lopen jongens in roze balletpakjes en meisjes verkleed als Batman. Man man man wat een land. Die kutterige vertrutting. Ik wil graag verhuizen naar Brabant. Want daar brandt nog licht. Leve de Bossche bol. Ik eet er net zoveel tot ik opstijg. Zwevend boven de Sint Jan roeptoeter ik naar de beneden staande Robje Jetten.

Dat je tegenwoordig een dikke racist bent als je heerlijke negerzoenen en moorkoppen naar binnen propt en een pot met getinte bonen keihard bruine bonen blijft noemen. Niks is meer bruin of zwart. Tegenwoordig is alles getint. Kijk maar eens naar het tv programma ‘Opsporing Verzocht’. Een reality soap over het gewone leven van de getinte medemens. Prachtig in beeld gebracht door bewakingscamera’s.

Na een tweede cappuccino maakte ik even gebruik van het toilet bij de Shell pomp. In het gangetje stond een bord met de tekst: “Geachte reiziger. Fijn dat u goed in uw vel zit. Mocht u niet weten in welk vel maak dan gebruik van ons genderneutrale toilet.”

Ik zag alleen maar witte toiletdeuren zonder de bekende dames en heren bordjes dus vroeg ik beleefd aan de toiletmevrouw waar ik moest zijn. “Dat ligt er maar net aan,” zei ze terwijl ze mij over haar bril observeerde. “Bent u een plas mens of een poep mens?” Oh momenteel duidelijk een plas mens”, antwoordde ik enigszins verlegen. “Plast u zittend of staand”, vervolgde ze onverstoorbaar.

Nou moet ik eerlijk bekennen dat ik vaak zit. Ik heb ergens gelezen dat dat gezonder is en het heerlijke ‘laat maar lopen’ gevoel is ook groter. “Ik zit liever”, zei ik daarom. “Bent u hetero?”, vroeg ze. “Tot nu toe wel”, beaamde ik terwijl mijn knieën trilde van de hoge nood. “Weet u in welk vel u zit?”, vroeg ze me strak aankijkend. “Mens ik spring er bijna uit” riep ik.

“Een plassende zittende hetero man in een verkeerd lichaam staat helaas niet op m’n lijst”, zei ze gedecideerd. Opgelucht stapte ik even later uit de bosjes en besefte opeens dat het inderdaad niet om het soort vel ging. Maar of je er lekker in zat.

Over de auteur

Deze column is geschreven door Ronny Lammers. Ronny schrijft elke zondag een spraakmakende column waarbij hij geen blad voor de mond neemt. Ronny is eigenaar/coach van ITP Institute Tennis Promotion en traint met zijn team alle niveau’s in het noorden van Nederland.

Foto: Ronny Lammers