Column: Knabbeltang

Column: Knabbeltang

COLUMN – Veel ziekenhuiszorg is zinloos. We moeten weer leren vertrouwen te krijgen in het menselijk lichaam. “Geduld” en “acceptatie”, dat zijn de toverwoorden.

Artsen trokken onlangs aan de bel over het hoge aantal zinloze behandelingen. Het gaat om bijna vijftienhonderd verrichtingen waarvan het nut niet bewezen is. Dat is veel. Zeker als je je realiseert dat de zorgkosten de pan uit rijzen. Het is niet zo dat er geld over is.

Mijn medisch dossier is geen dikke pil. Ik heb een keer een klaplong gehad. Spontaan. Omdat ik lang en dun ben. Dat deed wel even pijn ja, maar zo erg was het nou ook weer niet. Als ik zou moeten kiezen tussen een flinke griep of een klaplong, dan wist ik het wel. Een klaplong gaat in bijna alle gevallen vanzelf over. Zo ook bij mij. De chirurg had nog wel aangeboden om in te grijpen, maar dat leek me niet nodig. Verder adviseerde de man me om vooral heel veel te gaan sporten en de sterkste versie van mezelf te worden. Aan de manier waarop hij dat zei, kon ik opmaken dat hij genoeg ellende had meegemaakt op de poli Longgeneeskunde – en dat die ellende veelal te voorkomen was geweest met een gezonde leefstijl.

Veel zorg is zinloos. Neem nou een hernia. Soms in de nek, meestal in de rug. Kan zeer pijnlijk zijn. Vroeger, in 1995, ging het ongeveer zo: met vreselijk veel pijn in je arm of been ging je naar de huisarts. Die deed wat testjes volgens het protocol en stuurde je vervolgens naar het ziekenhuis. Daar werd nog wat uitgebreider getest, totdat iemand in een witte jas zei: “u heeft een hernia tussen C6 en C7. Als u bij de balie even een afspraak maakt, dan kunnen we de operatie inplannen.”

Zo ging dat vijfentwintig jaar geleden. Een hernia is een uitstulping en een uitstulping moet je wegknabbelen met een knabbeltang – dacht men toen. Om het herstel na de operatie te bevorderen, kon je het beste een paar weken zo plat als een plank op bed gaan liggen. Je moest vooral niet bewegen, dat was levensgevaarlijk.

Hoe anders is het als je vandaag de dag de diagnose hernia krijgt? Het is niet te vergelijken. Beeldvormend onderzoek, zoals een MRI-scan? Doen ze niet meer aan. Reden: half Nederland loopt met een hernia rond maar slechts een fractie heeft klachten. Oftewel, het is niet met zekerheid te zeggen dat de pijn die iemand heeft wordt veroorzaakt door die hernia – het kán, maar het hoeft niet. Een MRI-scan is een duur en tijdrovend grapje. Met elke zinloze scan wordt er een plek bezet gehouden voor iemand die wél baat heeft bij beeld. Iemand met een tumor bijvoorbeeld.

Plat gaan liggen na een hernia anno 2020? Het domste wat je kunt doen. Daarmee zit je het natuurlijk herstel in de weg.

Veel zorg is zinloos. Hartoperaties zijn niet altijd nodig, medicatie werkt soms net zo goed – zo blijkt uit een groot Amerikaans onderzoek. Het hangt er helemaal vanaf hoe stabiel de situatie is en hoe ernstig de vernauwing(en). Dit moet niet onderschat worden – er zijn wel degelijk mensen die baat hebben bij stents of een ingreep.

Al met al is er een duidelijke tendens zichtbaar. Die laat zien dat je je altijd goed moet afvragen wat het doel is van een behandeling, en hoe groot de kans op succes is. Elke medische ingreep, hoe eenvoudig ook, brengt een risico met zich mee. Een risico dat je niet altijd hoeft te nemen. Zeker niet als een afwachtende houding hetzelfde resultaat op kan leveren. De knabbeltang leek ooit de enige oplossing voor een hernia, maar nu weten we dat er een andere optie is. Een hele eenvoudige optie. Het enige wat je ervoor nodig hebt is een beetje geduld;

Wachten.

Over de auteur

Deze column is geschreven door Derek Hogeweg. Derek is programmamaker bij OOG Radio en fanatiek wielrenner. Zijn columns gaan over uiteenlopende onderwerpen. In alle gevallen betreft het de mening van een lange man.

Foto: Derek Hogeweg