Column: Filantropen-kapitalisme

Column: Filantropen-kapitalisme

COLUMN – Elk jaar komen er miljardairs naar Davos om te praten over filantropische oplossingen voor de problemen van de wereld. Maar veel van deze ‘oplossingen’ blijken echter hun rijkdom te vermeerderen. Ze praten over ongelijkheid, armoede, participatie, rechtvaardigheid, transparantie etc. maar niemand brengt de zaak naar voren die er werkelijk toe doet: ze betalen gewoon niet hun aandeel.

In 2008 kwam het World Economic Forum met de vraag: wat moet de industrie doen om een massale sociale terugval te voorkomen? Het simpele antwoord hierop komt echter niet op tafel: stop gewoon met praten over filantropie, er moet gepraat worden over belasting betalen.

De wereld heeft meer dan 2.000 miljardairs, in het jaar 2008 gaven ze een belofte: miljardairs beloven ten minste de helft van hun fortuin te doneren aan liefdadigheid. Tien jaar later, in 2018, hebben ze echter hun rijkdom verdubbeld!

De US Treasury (ministerie van Financiën) heeft geschat dat ze in de periode 2018 – 2028 een bedrag van $ 714 miljard dollar mislopen door de slimme trucs die miljardairs uithalen met liefdadigheid.

Hoe werkt dat? Hoe kun je doen alsof je geeft terwijl je in werkelijkheid neemt? De snelst groeiende gebieden binnen de liefdadigheidssector zijn particuliere stichtingen (openbare liefdadigheidsinstelling) en zogenaamde ‘donor-advised funds’ DAF’s (een vehikel dat onder een liefdadigheidsinstelling hangt die is opgericht om donaties namens organisaties, families of individuen te beheren). Er is zo’n $ 1,2 biljoen dollar (ofwel 1200 miljard) geparkeerd in particuliere stichtingen en het bedrag dat beheerd wordt door DAF’s wordt geschat op $ 120 miljard. De superrijken hebben stichtingen in een razend tempo opgericht. Van 2003 – 2015 is het aantal stichtingen met 28% gegroeid en het bedrag aan bezittingen in die stichtingen heeft zich verdubbeld in die periode.

De DAF’s hebben geen verplichting tot uitbetalen. De donor (de miljardair dus) krijgt een genereus uitstel voor het betalen van belasting en de DAF’s hoeven nooit uit te betalen.

De miljardairs kunnen een DAF oprichten en doorgeven aan hun kleinkinderen, die het geld kunnen maar niet hoeven te delen met actieve liefdadigheidsdoelen. Het is dus gebaseerd op een belofte: ‘Op een gegeven moment in de tijd zou ik aan liefdadigheid kunnen geven. In de tussentijd zit het hier veilig in een fonds’.

In de literatuur van de filantropie wordt dit een ‘persoonlijke liefdadigheids-spaarrekening’ genoemd. Dat geld, zelfs als het in grote bedragen komt, ofwel ‘mega-giften’, valt niet altijd toe aan de actieve organisaties in het veld die ze zeggen te helpen.

Een voorbeeld

Een voorbeeld: toen Mark Zuckerberg een baby kreeg, zegden hij en zijn vrouw Chan toe om 99% van hun Facebook-aandelen te doneren, die op dat moment 45 miljard dollar waard waren. De ‘Chan Zuckerberg Initiative’ – intitiatief waarmee dit bedrag doorgegeven zou worden – is echter geen non-profit organisatie maar een ‘limited liability company’ (vergelijkbaar met de Nederlandse BV). Het zijn boekhoudkundige trucs: je stopt het geld in zo’n BV die het vervolgens op de balans opneemt als bijvoorbeeld ‘Nog te doneren aan stichting X’. Het is daarmee in feite een erkenning van schuld.

Het geld is tegelijkertijd ook daadwerkelijk in kas, maar hier kan dan vrijelijk over beschikt worden. De BV kan hiermee dan ook commerciële investeringen doen of donaties aan politieke partijen. In de praktijk beperkt de BV dus niet Zuckerberg’s mogelijkheden om te doen wat hij met zijn geld wil doen, terwijl hij door de BV-constructie niet persoonlijk aansprakelijk is voor eventuele schulden. Bijvoorbeeld de kans dat er op een gegeven moment geen geld meer is voor ‘Nog te doneren aan stichting X’.

Bill Gates heeft in diezelfde periode $ 36 miljard gestoken in de ‘Bill and Melinda Gates Foundation’, die een waarde heeft van $ 46 miljard, waarover hij en zijn vrouw totale controle hebben. De stichting heeft $ 23 miljard aan ‘liefdadigheidsgiften’ verstrekt, inclusief miljarden aan belastingaftrekbare donaties aan bedrijven waarin Gates heeft geïnvesteerd – zoals Merck, GlaxoSmithKline, Novartis en Sanofit. Stuk voor stuk farmaceutische bedrijven.

Natie of corporatie?

Wel, zul je zeggen, wat is daar mee aan de hand? Die miljardairs zijn gewoon handige zakenlieden. Het punt hierbij is dat deze bedrijven en zakenlieden zulke grote economische waarde kunnen krijgen dat ze de economie van het land van waaruit ze opereren overstijgen. Het worden transnationale corporaties, niet meer gebonden aan een bepaald land en met veel invloed in andere landen. Belastingen vloeien niet meer terug in het eigen land, waardoor die dat land ook niet meer ten goede komen.

Als entiteit overstijgt het complex aan corporaties op een gegeven moment de nationale identiteit. In het jaar 2000 maakte het ‘Institute for Policy Studies’ hierover een rapport waarin werd geconcludeerd dat van de 100 grootste economieën in de wereld een aantal van 51 daarvan feitelijk corporaties waren, dus geen natie meer. De overige 49 waren op dat moment nog steeds nationale economieën. Nog. En dat was twintig jaar geleden …

We leven nu dus in een wereld waar je van elk land de geografie en de politiek kunt bevatten, maar vanuit economisch perspectief is dat een foutieve perceptie. Je leeft letterlijk in een illusie vanwege het feit dat 51 van de meest krachtige economieën (inmiddels waarschijnlijk al meer) feitelijk corporaties zijn geworden. Ofwel: niet de politiek maakt de dienst uit, maar de regels worden de facto bepaald door het complex van bedrijven. De implicaties: zij zijn niet meer gebonden aan nationale wetten en nationale belastingen en hun belang ontstijgt het belang van de natie. Het land zelf, de natie, is niet meer van belang voor zulke corporaties en door hun steeds groter wordende invloed en gewicht ontwrichten zij langzamerhand de identiteit van landen, die steeds minder soevereiniteit krijgen over hun eigen grondgebied.

Dat heeft vergaande gevolgen voor het voortbestaan van naties, en betekent een verlies van identiteit, cultuur, traditie, nationale wetten en een aantasting van de constitutie. Nu al is door het opnemen van de artikelen 93 en 94 in de Grondwet deze constitutie zelf buiten werking gesteld in gevallen dat de EU daar regelgeving over heeft gegeven. En de EU staat weer onder zware invloed van de lobby-groepen van grote corporaties. De macht over een land wordt stukje bij beetje overgedragen aan deze nieuwe entiteiten, transnationale organisaties (EU, WHO, VN etc.) en indirect dus de grote corporaties en ‘ wereldburgers’ (de miljardairs). Zij gaan steeds meer de regels bepalen en dat zal in alle facetten van de samenleving gevoeld worden: de cao’s, de inkomensverdeling, de lokale producten, noem maar op. Aangezien dat alles tegen het belang van corporaties zal worden afgewogen hoef je dus ook niet te denken dat zoiets als het basisinkomen jou een zekere vrijheid zal geven. Daar gaan voorwaarden aan gesteld worden waarbij het bedrijfsbelang zwaarder weegt dan jouw persoonlijke integriteit.

Politieke partijen die deze lijn voorstaan zitten nu in het centrum van de macht, en met de verkiezingen van maart 2021 nu achter de rug moet je dus vooral denken aan de VVD en D66. In de context van het voorgaande geeft het te denken dat iemand als Sigrid Kaag over soevereiniteit zegt dat het eigenlijk een achterhaald concept is.

Over de auteur

Hielke de Boer heeft meer dan dertig jaar in de financiële sector gewerkt bij zowel internationaal opererende bedrijven als kleine sociaal-culturele instellingen. Zijn columns betrekken de maatschappelijke ontwikkelingen in een context van geopolitiek, culturele verschijnselen en historische achtergronden.